maandag 21 juli 2014

Mijn tweede kort verhaal: Onverwacht bezoek


Hallo allemaal, 

Mijn cursus heeft als doel: het leren schrijven van korte verhalen.  
Elk verhaal mag telkens maar maximum 1500 woorden tellen.
Het is niet simpel om met weinig woorden een goed en stevig verhaal te vertellen. Je moet een goed begin, midden en einde hebben!

Mijn eerste verhaal was een persoonlijke kennismaking. 
Dat verhaal is privé :-)
Voor het tweede verhaal mocht ik het genre zelf kiezen. 
Aangezien wij toen met een inbraakplaag zaten, 
was de keuze voor een waargebeurd verhaal dus een logisch gevolg. 
De namen van de personen zijn wel fictief :-)

Hopelijk merken jullie met elk volgend verhaal mijn vooruitgang. 
Een verhaal schrijven voor jezelf is een hobby. 
Een boek willen uitbrengen is geen hobby meer, 
er komt veel bij kijken en ik heb nog veel te leren! 
Ondertussen is het verhaal voor een boek (roman) aan het groeien 
en gaat dat boek er ooit wel komen, daar streef ik naar. :-)

Ik wens jullie veel leesplezier met mijn eerste kort verhaal.


Onverwacht bezoek
30 januari 2014
Het is eindelijk heerlijk stil in huis. Met haar ogen gesloten geniet Olivia even van de rust.
Haar man, Connor, is al naar zijn werk en de kinderen, Luke en Chloe, zijn ook al naar school vertrokken.
Ze haalt de poetsspullen tevoorschijn en begint met het dweilen van de vloeren, een heerlijke citroengeur maakt zich meester over het hele huis.
Op de achtergrond speelt leuke muziek, ze is helemaal in gedachten verzonken, ze zingt en danst vrolijk mee.
Tot ze uit haar gedachten wordt gehaald door de deurbel.
Dat is gek, denkt ze, ik verwacht niemand. Tja, misschien is het de postbode met een pakje.  
Ze stapt naar de woonkamer om haar sleutels en haar gilet te nemen. Terwijl ze daar staat, ziet ze door het gordijn naar buiten. Even blijft ze angstig staan kijken!
Olivia ziet drie jongeren van vreemde afkomst op straat staan. ze schat ze tussen de 18-20 jaar jong. Wat haar zo bang maakt is hun zenuwachtig gedrag. Ze voelt gewoon tot in haar ruggengraat,  dat er iets niet klopt aan heel deze situatie!
“Oh neen, ik ga de deur niet open doen hoor,” zegt ze zacht tegen zichzelf, “ik ben maar alleen, jullie zijn met drie.”
Haar handen beginnen te beven, haar ademhaling gaat sneller, ze krijgt hartkloppingen, trilt over haar hele lichaam en ze krijgt het koud.
Traag bewegend gaat ze richting het raam, ze wil de jongens beter kunnen bekijken. Ze ziet dat de oudste jongen zenuwachtig heen en weer loopt op de straat, zijn hoofd gaat van links naar rechts en weer naar links. Dat gedrag blijft hij maar herhalen.
De middelste jongen is bij de buren gaan aanbellen en de jongste van de bende staat, net iets te dicht, tegen hun voordeur aan.
Olivia is nog steeds niet op haar gemak, haar maag krimpt in elkaar bij het minste geluid. Haar buikgevoel zit juist.
Op het moment dat de oudste jongen haar achter het gordijn opmerkt, geraken de jongens in paniek en slaan op de vlucht.

Als Connor een paar uur later van zijn werk thuis komt, luistert hij aandachtig naar Olivia haar verhaal, slaat terwijl beschermend zijn armen om haar heen en geeft haar een zacht kusje op haar voorhoofd.
 “Olivia, schat, ik wil je niet nog banger maken, maar we moeten sloten bijsteken, ze hebben het slot van de voordeur bewerkt,” zei hij,
“ook moeten we kijken wat we nog beter kunnen beveiligen aan en rond het huis!”

Olivia moest ineens denken aan een papier dat ze een tijdje terug in hun brievenbus had gevonden. Het was een aanvraag om een buurtinformatienetwerk te starten.
“Connor, weet jij dat papier van de BIN nog liggen?” vroeg ze hem.  “Je weet wel, dat voor die samenwerking tussen de buren, de burgemeester en de politie. Om zo sneller te kunnen ingrijpen bij verdachte situaties. Zoals bij deze dus, poging tot inbraak.”
“Neen schat, ik vrees dat we dat hebben weggedaan.” antwoordde hij.
“Ok, ik ga het dan wel even aan de buren vragen.” melde ze.
“Mama, mama!” riep Chloe, “Mag ik met je mee?”

“Ah, komen jullie een late driekoningen zingen?” vroeg de buurman met een brede glimlach.
“Hallo Mark, neen hoor,” lachte Olivia terug, “wij komen vragen of jullie misschien dat papier van de BIN nog hebben liggen?”
“Goh, dat papier...,” zie hij nadenkend, “neen, sorry, ik geloof van niet.”
Olivia vertelde hem wat er vanmorgen was gebeurd en legde uit waarom ze dus nu op zoek was naar dat papier.
“Stom om het weg te doen,” zei ze, “want je denkt er nooit op na, dat het wel eens bij je thuis kan gebeuren hé!”
Vol afschuw en ongeloof zei hij: “Amai dat is toch niet meer normaal. Je hoort tegenwoordig niks anders meer en onze gemeente ligt voor zo een bende inbrekers goed, zo direct aan de autostrade! Ze geraken zo snel alle kanten uit, voor de politie ze kan aanhouden.”

Van buurman Michael kreeg ze het blad van de BIN en zo ook het mailadres van de burgemeester.
“Dank u Michael!” riep ze naar hem toe, als ze terug naar huis liepen.

De volgende dag zien Connor en Olivia aan de overkant van de straat een jonge man wandelen, maar met een gedrag dat wantrouwen oproept.
Ze zien hem aanbellen bij de overburen, maar telkens hij weggaat van een huis, doet hij iets met zijn mobieltje.
Olivia denkt, is die man nu foto’s aan het nemen van al die huizen?
Terwijl steekt de man de straat over. Olivia loopt direct naar het raam en duwt het gordijn opzij. Op datzelfde moment ziet ze haar overburen buiten staan. Ze doen teken naar haar dat ze de jonge man in het oog hebben.
“Dat geeft toch een geruststellend gevoel hé, zo een samenwerking met de buren!” zegt ze vrolijk.
Ze merkt dat de jonge man bij hen komt aanbellen.
Connor maakt de deur open en ze hoort hem zeggen:
“Neen wij zijn al klant bij die firma.” en ze hoort hem de deur terug dichtdoen.
“Dat was raar,” zegt hij, als hij terug bij haar komt staan, “ je zou toch denken dat die man dat zou moeten weten, wie al wel of geen klant is bij die firma, niet?“

‘s Avonds zien ze, een straat verderop, een donkere camionette staan. Er zitten drie forse mannen in, ook deze zijn van vreemde afkomst.
Connor kijkt hen achterdochtig na.
“Op een zaterdagavond, geen reclame op de camionette, enkel een ladder er vanboven op, verdacht hé? Niks vertrouw ik nog. Een mens durft amper nog het huis voor vijf minuten te verlaten,” zegt hij verontrust.

Als ze het ‘s anderendaags aan hun buren vertellen. Maakt de buurman zich er druk om en zegt luid:
“Er worden inbraken gepleegd in huizen terwijl de bewoners thuis zijn! Er lopen in het hele dorp oplichters rond, ze verkopen zogezegd vanalles of zijn vertegenwoordigers van een bepaalde firma. Maar eigenlijk komen ze gewoon een kijkje nemen in de buurt of rond de huizen, om te zien hoe en wanneer ze binnen geraken. En de politie?... Tja, die is nergens te zien hé. Die inbrekers weten dat ook natuurlijk, dat het de politie te lang duurt om snel ter plaatse te geraken.”

De volgende ochtend staat er bij Connor en Olivia weer een vertegenwoordiger aan de deur, zogezegd van dezelfde firma, als die jonge man van gisteren. Dat nemen ze nu toch echt niet meer als toeval. Olivia waarschuwt de man:
“ Jij weet toch, dat er nu al wel iemand ergens in de buurt hier, naar de politie heeft gebeld om u aan te geven, want iedereen in dit dorp is zeer alert hoor!”

Zelf belt ze dan ook direct, na zijn bezoek, naar die firma en doet haar uitleg tegen de dame die opneemt. De dame reageert geschokt:
“Oh mevrouw, u mag in naam van onze firma naar de politie bellen, want dit is fraude hoor!”

Zo gezegd, zo gedaan. De commissaris neemt op:
“Mevrouw, we hebben inderdaad al meldingen binnen gekregen van daar in de buurt, dat er veel oplichters rond lopen, we gaan er iets aan doen hoor!  Heeft u ook eens graag dat er iemand van ons team komt kijken bij u thuis, om te zien of uw woning wel veilig genoeg is?”

Na het telefoongesprek met de commissaris, zien Olivia en Connor iets later een politiewagen door de straat rijden.
Maar ja, denken ze, die oplichters zijn nu allang weg hé. Maar ze weten nu in elk geval dat ze in deze buurt niet moeten terug komen, want dat ze hier in het oog worden gehouden!

Eigenlijk moeten ze er nadien ook wel allemaal om lachen,
want na al de verhalen die ze hebben gehoord van de buren,
durft er nu waarschijnlijk geen enkele oplichter hier nog te komen.
“Weet je nog het verhaal van de dief die ze in de supermarkt in de koeler hadden gestoken tot de politie er was, en dat ze dan te horen kregen van de politie dat ze dat helemaal niet mochten doen.”
“Och ja... Of dat van die man, die belde naar de politie om aan te geven dat ze in zijn tuinhuis aan het inbreken waren. En dat de politie geen combi had om te komen. Dat de man gewoon “ok” zei en ophing. Om daarna terug te bellen om te melden dat hij de inbrekers in hun hoofd had geschoten. En dat er binnen een minuut politie bij hem stond.
Dat de politie zei: “Meneer u heeft gelogen.”
En dat hij antwoordde: “U ook, u had gezegd dat u geen combi had.”
”Ahaha… of de buurman die kwaad riep: “Als er hier een inbreker binnen staat, schiet ik er op!”

                        

                                                                  Geschreven door Jaimie P.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen